Ze mogen namelijk zelf geen voedsel bereiden en zijn dus volledig afhankelijk van het eten en drinken dat anderen hen geven. Die giften moeten in de baat geplaatst worden, want aanraken van een monnik is in principe niet toegestaan.
Vroeger werden de bedelkommen allemaal met de hand gesmeed, maar tegenwoordig worden ze machinaal gemaakt, vooral in China. Behalve op nog één plek in Bangkok.
Baan Baat
In de straat Thanon Boriphat, waar ook veel houten meubelen en decoraties gemaakt worden, staat Baan Baat, het huis van de bedelkom. Buiten, onder een metalen afdak, wordt druk gehamerd op geraamtes van kommen.
“Wij, onze familie, zijn de laatsten die de baat nog helemaal met de hand maken” vertelt Dek nadat hij zijn hamer heeft neergelegd. We zien roestige kommen in rekken en glimmende metalen strips. “Eerst lassen we de basis van twee stroken aan de rand vast”, laat hij zien. Daarna volgen zes strips, tot de kom van ongeveer vijftig centimeter doorsnee een rond geheel is. Die acht delen hebben ook een symbolische betekenis: in de Boeddhistische levensovertuiging leidt het volgen van acht leefregels tot verlichting.
Met kleine hamers slaan Dek en zijn collega’s de kom verder in vorm. Na vier dagen hard werken is de nieuwe bedelkom – ook nog fraai gepoetst en gelakt – klaar. De tientallen jaren oude roestige kommen worden in een paar dagen ook weer gerecycled tot mooie baat, klaar om gevuld te worden bij de Bin Tha Baat.
Bin Tha Baat
Je moet er vroeg voor buiten staan, maar dan is je beloning dat je dit schitterende Boeddhistische aspect van het leven in Thailand en Laos mee kan maken. En je mag er zelf ook aan deelnemen, als je dat wilt.
Elke ochtend verlaten de monniken rond zes uur hun wat, in een lange oranje rij, met de bedelkommen aan hun zij. De gelovigen zullen ze zometeen vullen met hun voedseloffers; dit Sai Baat is een belangrijke goede daad in het Boeddhisme.
In Bangkok is het helaas ook al vroeg in de ochtend druk op straat. Omdat de verkeersdrukte wat afdoet aan de mooie ervaring van de Bin Tha Baat, gaan we naar de noordelijke Thaise provincie Loei. Daar, in het charmante stadje Chiang Khan, direct aan de rivier de Mekong, geeft de stilte van de vroege morgen een mooiere omlijsting aan het voor de Thai belangrijke ritueel.
Wai en koekjes
In de Thanon (straat) Chai Kong, vol met mooie oude houten huizen, wachten Thaise vrouwen en een enkele man geduldig en netjes gekleed op de monniken. Vriendelijke vrouwen nodigen Thaise en buitenlandse toeristen uit om (voor een paar honderd bath) ook op de rotan matten op straat te gaan zitten en mee te doen.
Een metalen offerschaaltje met een rieten mandje vol rijst, wat fruit en koekjes staat voor ons klaar. De Thai zelf hebben thuis gekookt en zetten hun voedsel klaar op bamboe mandjes. Ze vouwen geknield en respectvol hun handen voor hun voorhoofd in de traditionele wai-groet als de eerste monniken bij hen komen.
Het vale ochtendlicht accentueert de slinger van oranje en soms gele of bruine gewaden. De monniken halen de deksel van hun bedelkom af en plastic zakjes met gestoomde rijst en curries verhuizen samen met flesjes water naar de bedelkom. Als dank zegenen de monniken de mensen met een kort gebed. Daarna lopen ze door naar de volgende gever.
Luang Prabangs mooiste bedelronde
Aan de overkant van de Mekong bij Chiang Khan, ligt Laos. Haar oude hoofdstad Luang Prabang is misschien wel de allermooiste plek om de bedelronde van de Boeddhistische monniken mee te maken.